Hoofdstuk 4, 1919-1923 De laatste jaren

Eind 1918, de Eerste Wereldoorlog was afgelopen, de kolenaanvoer uit het buitenland kwam weer wat op gang. Er kunnen weer meer lantaarns branden. Zo worden nu alle nachtlantaarns weer aangestoken en kunnen de volgende avondlantaarns weer tot half twaalf branden: de lantaarn aan de Haven tegenover Scholten, de lantaarn aan de Gramsbergerstraat, tegenover de Goeman-Borgesiusstraat en de lantaarn op de hoek van het weeshuis.

Op 21 februari 1919 kwamen de deskundigen met hun rapport. Het blijkt dat de gasprijs het afgelopen jaar (1918) veel te laag is geweest om ook maar enigszins de kosten van de produktie er uit te halen. De gasprijs voor de pariculiere verlichting had 19 cent per m3 moeten wezen ( het was 9 en later 11 cent). De deskundigen stellen voor om de particuliere gasprijs en de gasprijs voor de publieke verlichting fors te verhogen om Thijssen alsnog schadeloos te stellen. De gemeente zegt dan dat de deskundigen alleen maar gekeken hebben naar de belangen van de Thijssen en dat er alleen maar gekeken is naar het laatste jaar. Zij kan niet akkoord gaan met de aanbeveling van de deskundigen om de gasprijzen fors te verhogen. De gemeente stelt als compromis voor om de particuliere gasprijs te verhogen tot 15 cent per m3 ( in plaats van de door de deskundigen verlangde 19 cent). Thijssen, die enorm teleurgesteld is kan hier niet mee akkoord gaan. De gemeente laat op 1 april weten dat zij op haar standpunt blijft staan. Ondertussen laat de gemeente door de advocaat van Holte tot Echten uitzoeken of zij niet in strijd handelt met de concessievoorwaarden als ze zelf een electriciteitsbedrijf gaan stichten.

Op 1 april laat Thijssen weten dat er weer voldoende kolen zijn om alle rantsoenering af te schaffen. Ook de straatverlichting kan weer onbeperkt branden.Zo heeft Coevorden op 1 mei 1919 weer een volledige straatverlichting. Er wordt ondertussen een akkoord bereikt over de particulier en publieke gasprijs. De gasprijs voor de publieke verlichting werd bepaald op 3 cent per uur per lantaarn. Eind 1919 komen ook de petroleumlantaarns aan de Looweg weer in bedrijf.

Begin 1920 doet Thijssen aan de gemeente het voorstel om zijn fabriek te kopen voor f 105.000,--. Wil de gemeente hier niet op in gaan, dan wil Thijssen een nieuwe concessie voor onbepaalde tijd. Tegen vrije concurrentie van electriciteit voor de verlichting heeft Thijssen geen bezwaar. Thijssen wil wel het recht hebben om als de fabriek niet meer rendeert, de concessie te beëindigen. De gemeente zal het wel jammer hebben gevonden dat ze het geld niet had om de fabriek te kopen ( de gemeente wil nu nog steeds de gasfabriek hebben). Maar nu kon ze ook zonder bezwaar beginnen met de voorbereidingen voor de electrificatie. Er komt nu ook weer ruzie, nu over het al of niet verplicht aanleggen van gasbuizen in de nieuwe straten van de Eendracht. De gaslantaarns die nu nog worden geplaatst, zijn van een type die omgebouwd kunnen worden tot electrische lantaarns. Deze laatste gaslantaarns komen voor de middenstandswoningen aan de van Heutszsingel en voor de Rijks H.B.S.De gemeente draagt in de kosten van deze lantaarns bij met f 140,--. Thijssen had de oude gasconcessie opgezegd, zoals moest één jaar voor het verstrijken. De onderhandelingen over de nieuwe concessie namen aanvang. In de eerste besprekingen werd afgesproken, dat gedurende de tijd dat de publieke verlichting nog geschiedde door gaslantaarns, de gasprijs voor de publieke verlichting zal bedragen: Als de particuliere verlichting:

  • Minder dan 12 cent per m3 kost, de publieke verlichting kost: 2 cent per uur.
  • Van 12 tot beneden 15 cent, de publieke verlichting kost: 2½ cent
  • Van 15 tot beneden 18 cent, de publieke verlichting kost: 3 cent
  • Vanaf 18 cent, de publieke verlichting kost: 3½ cent

Op 1 mei neemte de gemeente de beslissing om Coevorden aan te sluiten op het hoogspanningsnet van de IJsselcentrale. De gemeente zal de electriciteit zelf distribueren. Eind 1922 komt de gemeente met de firma Schuurman & De Jong overeen dat die firma aan de gemeente een aantal staalbetonkandelabers zal leveren voor de electrische verlichting.

Medio 1923, als de gemeente en Thijssen nog steeds aan het onderhandelen zijn over een nieuwe gasconcessie ( de gemeente wil ondermeer dat Thijssen een vergoeding gaat betalen voor de buizen die hij in gemeentegrond heeft liggen), wordt begonnen met het plaatsen van de electrische verlichting en op 28 september 1923 vraagt de gemeente aan Thijsssen om de nu overbodig gaslantaarns weg te halen. Het tijdperk van de gasverlichting was voorbij.